Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

Commissievergadering Fysiek

dinsdag 6 april 2021

19:29 - 22:39
Locatie

digitaal, via videoconferencing

Voorzitter
mevrouw H. Wijers-van der Linden

Uitzending

Agendapunten

  1. 1

    Besluit

    De voorzitter opent, gezeten in de raadzaal, om 19.29 uur de digitale vergadering en heet alle aanwezigen van harte welkom.


    De heer J. Visser (CDA) is verhinderd; hij wordt waargenomen door raadslid de heer
    J. Nouwen.
    Ook de heer L. van Kessel (PAL) is verhinderd; hij wordt waargenomen door commissielid bestuur en middelen de heer H. Meewis.
    De heer R. Verheul (LS) is eveneens verhinderd.

  2. 2

    Besluit

    De commissie stelt de agenda vast conform de door de voorzitter van de commissie d.d. 23mrt21 aangeboden voorlopige agenda, inclusief het schriftelijke aanvullende agenderingsvoorstel van de voorzitter d.d. 1apr21 om een agendapunt 9A in de agenda op te nemen geheten ‘Stellen vragen over collegemededeling 30 maart 2021 inzake uitwerking initiatieven door Lightsource BP, Solar Fields en Sunvest van in Neer te realiseren zonneweides + voorlopig standpunt college daarover’.

  3. 3

    Besluit

    De commissie stelt de besluitenlijst vast conform concept, versie 1.

  4. 4

    Besluit

    Er heeft zich één inspreker gemeld, namelijk de heer L. Peeters, Schooldijk 1 in Neer.
    Hij spreekt in over (en bij) het agendapunt 9A ‘Stellen vragen over collegemededeling 30 maart 2021 inzake uitwerking initiatieven door Lightsource BP, Solar Fields en Sunvest van in Neer te realiseren zonneweides + voorlopig standpunt college daarover’.
    Hij spreekt over het d.d. 30mrt21 aan het college uitgebrachte ambtelijke advies + over zijn aan het college verstuurde brief d.d. 12nov20 waarin hij zijn bezwaren heeft geuit over de ontwikkeling van drie zonneweides in Neer.

  5. 5

    Besluit

    5.1 Vaststellen bestemmingsplan 'Woningbouwplan Noenevershof' te Buggenum


    Op vragen van de commissieleden antwoordt portefeuillehouder wethouder M. Graef op hoofdlijnen als volgt:
    - als sec naar de ‘Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2018-2021’ (raad 25jun19) wordt
      gekeken zou je zeggen: het bouwplan bevat teveel woningen voor Buggenum. Maar, intussen
      zijn de inzichten – ook politiek – wel wat gewijzigd over het wonen in kleinere kernen;
    - het voor een deel levensloop bestendig maken + een deel voor de verhuur bouwen maakt
      dat niet voor leegstand behoeft te worden gevreesd;
    - sommige ‘jongeren’ (begin dertigers) hebben al naar de woningen geïnformeerd.


    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 het raadsvoorstel te bespreken.


    5.2 Bepalen voorwaarde eigen bijdrage bij toekomstige aanvragen ten laste van
          Gebiedsfonds Buggenumse veld + Nemen besluit omtrent bodemsanering en
          aankoop gronden realiseren 'Sjans van Naer'


    Op vragen van de commissieleden antwoordt portefeuillehouder wethouder M. Graef, daarbij ondersteund door J. Heideman (jurist), op hoofdlijnen als volgt:


    • Bepalen voorwaarde eigen bijdrage bij toekomstige aanvragen ten laste van Gebiedsfonds Buggenumse veld


    - de gemeente plaatst op particulier eigendom erfverfraaiingen. Die erfverfraaiingen moeten
      bijdragen (esthetisch, biodiversiteit) aan compensatie in het Buggenumse veld. In die zin
      profiteert een ieder daarvan. Uiteraard profiteert de grondeigenaar ook iets door
      waardevermeerdering;
    - het college vindt dat de eigen bijdrage tot nu toe te gering is gesteld. Datgene wat nu wordt
      voorgesteld is ook meer in lijn met het beleid van andere gemeenten.


    • Nemen besluit omtrent bodemsanering en aankoop gronden realiseren 'Sjans van Naer'


    - met het initiatief van de werkgroep ‘Sjans van Naer’ is niets mis, ’t wordt als initiatief ook
      politiek breed gedragen. Echter, voor het college zijn de kosten te gortig geworden. Het is
      nu aan de raad om daarover een eindoordeel te vellen. Over bijdragen uit het gebiedsfonds
      die groter zijn dan € 10.000 dient de gemeenteraad een besluit te nemen. De
      adviescommissie Gebiedsfonds Buggenumse veld is, in tegenstelling tot het college, wel
      akkoord om een bijdrage van in totaal € 113.089,- toe te kennen uit het fonds, bovenop het
      al eerder door de raad toegekende bedrag van € 160.000;
    - er zijn commissieleden die vragen naar een goedkopere oplossing te zoeken. Hij vraagt die
      commissieleden om die oplossingen, voldoende specifiek, aan hem bekend te maken, dan
      gaat hij daar serieus naar kijken;
    - naar het aanbrengen van een leeflaag heeft het college al gekeken, dat is naar inschatting
      nauwelijks een goedkopere oplossing + er zitten daaraan nadelen. Als er al iets simpels als
      een parasol in de grond wordt aangebracht dan zitten daaraan consequenties vanwege die
      leeflaag. Bovendien heeft de gemeente dan extra zorgen en verantwoordelijkheden vanwege
      het volksgezondheidsaspect;
    - hij heeft één gesprek gehad met het waterschap. Dat schap is ‘niet happig’ op het financieel
      bijdragen aan een sanering. Van dat gesprek is geen verslag gemaakt. Hij weet niet of er van
      gesprekken die z’n ambtsvoorganger heeft gevoerd met het waterschap wél verslagen zijn
      gemaakt, mochten die er zijn dan kunnen die mogelijk worden ingezien door de commissie;
    - de gemeente heeft in collegiale zin tegen het waterschap gezegd dat als het waterschap de
      desbetreffende grond nodig heeft voor de dijkversterking, dan koopt de gemeente die grond
      over om het onderhavige initiatief mede mogelijk te maken. De geconstateerde vervuiling
      gooide helaas roet in het eten;


    - voor het waterschap is er geen reden om de grond aan iemand te verkopen, maar als er zich
      een koper meldt (zoals de gemeente) dan wil het waterschap niet opdraaien voor de kosten
      van het schoon opleveren van de grond tenzij de koper de meerprijs betaalt bestaande uit
      die reinigingskosten;
    - het waterschap laat anders op het weiland koeien grazen, daarvoor behoeft de bodem niet te
      worden gesaneerd;
    - hij weet niet zeker of het gebruik van ‘de Sjans’ door de beoogde doelgroep in het vaarwater
      komt van de gebruikers van ‘t Maasveld in Neer;
    - de nutsvoorzieningen zijn nodig om ’t levendig te maken. Het telkens ad hoc inhuren van
      bijvoorbeeld aggregaten draagt onvoldoende aan die levendigheid bij;
    - ‘baten’ van cultuurhistorie of van verenigingsleven zijn lastig te kwantificeren. Bij de door het
      college gemaakte ‘kosten-baten afweging’ heeft het college, alles overziende, geconcludeerd
      dat de kosten ’t niet waard zijn in verhouding tot wat we daarvoor terugkrijgen;
    - bij het aanleggen van de dijk heeft een medewerker van de gemeente, vanuit z’n goede
      bedoeling om ‘werk met werk te maken’, z’n akkoord gegeven om een inrit te maken. Dat
      was niet binnen de gemeente afgestemd en is ook niet zoals de initiatiefnemers dat voor
      ogen hebben. De gemeente heeft daarvoor haar excuses aangeboden.


    Wethouder Graef zegt op een vraag van de heer H. Meewis toe dat hij een schriftelijk antwoord krijgt op z’n vraag hoe het juridisch zit met het leveren van grond zónder een schonegrondverklaring.


    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 het raadsvoorstel te bespreken.


    5.3 Vaststellen bestemmingsplan ‘Eikesstraat 2 te Hunsel’


    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 conform het raadsvoorstel te besluiten. Wat de commissie betreft zou dat zonder raadsberaadslagingen kunnen.


    5.4 Vaststellen bestemmingsplan ‘Fietsbrug Neerbeek’ te Nunhem


    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 conform het raadsvoorstel te besluiten. Wat de commissie betreft zou dat zonder raadsberaadslagingen kunnen.


    5.5 (Opnieuw) Kiezen scenario afvalinzameling per 1 januari 2022


    Op vragen van de commissieleden antwoordt portefeuillehouder wethouder P. Verlinden op hoofdlijnen als volgt:
    - voorop staat, en daar heeft de raad ook mee ingestemd, dat er een milieurendement moet
      worden gehaald. In twee stappen wil de gemeente het restafval verlagen naar eerst 100 kg
      per inwoner uiterlijk in 2023 en vervolgens naar 80 kg uiterlijk in 2025;
    - de gemeenteraad kan er ook voor kiezen om nu ‘toch maar niets te doen’. Daarmee wordt
      echter geen recht gedaan aan die eerder vastgelegde ambities van milieurendement.
      Bovendien is een verdubbeling in kosten reëel van het verwerken van restafval;
    - het grootste rendement kan worden behaald door de 40% gft-afval, die nu in het restafval
      zit, uit dat restafval te houden. Het één kost € 40 per ton, het ander € 92 per ton om te
      verwerken (excl. transportkosten);
    - hij verwacht dat, los van die eventuele meerkosten, er door allerlei oorzaken toch al een
      prijsstijging in 2022 is te verwachten van € 25 à € 30 per heffingsadres;
    - de portefeuillehouder van de gemeente Maasgouw heeft hem laten weten dat hij verwacht
      dat in die gemeente hetzelfde scenario gaat worden gekozen als nu het college van Leudal
      voorstelt;
    - de kwaliteit van met een zak ingezameld ‘pmd’ zal beter zijn dan die welke nu via de wijk- en
      dorpsmilieuparkjes wordt ingezameld. Hij vindt het goed om nu daarmee te beginnen, ook al
      geeft een meerderheid van de burgers in de gehouden enquête aan dat voor hen het aan huis
      ophalen niet hoeft. Waar vroeger € 480 per ton pmd werd vergoed is dat bedrag nu
      teruggelopen naar € 260 per ton. Door vervuiling afgekeurd pmd zal moeten worden
     verbrand à € 110 per ton;
    - als de gemeenteraad anders gaat besluiten dan het college voorstelt dan is het te
      verwachten dat Reinigingsdienst Maasland de extra kosten aan de gemeente Leudal in
      rekening gaat brengen;
    - het college heeft naar aanleiding van de in de raadsvergadering van 22dec20 aan de orde
      geweest zijnde (maar niet in stemming gebrachte) amendementen en de gevoerde
      beraadslagingen z’n raadsvoorstel van destijds heroverwogen. Er zijn in het nu voorliggende
      raadsvoorstel enkele aanpassingen aangebracht zoals het schrappen van de papiercontainers,
      maar dat is het dan ook. Een beter voorstel kan het college, gelet op de milieuambities + de
      te verwachten lasten voor de burgers, niet voorleggen;
    - wat de scenario’s kosten is allemaal uitgerekend. Zie daarvoor de stukken van ‘de
      Afvalspiegel’ in iBabs. Daar vindt u ook de antwoorden op door enkele raadsleden schriftelijk
      gestelde vragen;
    - we zullen moeten investeren + kosten moeten maken voor flankerend beleid. De
      eerstkomende jaren is daardoor een stabiel financieel beeld te verwachten. Wat dat betekent
      voor elke burger is heel verschillend, afhankelijk van z’n keuzes;
    - de landelijke verwachting is dat het tarief voor de verwerking van restafval zal stijgen van
      € 92 per ton naar € 200 per ton;
    - het in de zomermaanden eenmaal per week in plaats van eenmaal per twee weken ophalen
      van gft-afval (zoals in Roerdalen), daar kan voor worden gekozen, de gemeente betaalt dan
      wel een meerprijs;


    - het één keer in de vier weken ophalen van restafval (zoals in Echt-Susteren) bespaart veel
      kosten t.o.v. eenmaal per twee weken;
    - in Leudal staat de grijze container nu per burger gemiddeld 12 keer per jaar aan de straat;
    - in circa 100 gemeenten wordt het plastic al aan huis in zakken opgehaald, in die gemeenten
      speelt het probleem van weggewaaide zakken nauwelijks.


    Wethouder Verlinden zegt de commissie toe om het verslag en de berekeningen van ‘de Afvalspiegel’ nog eens toe te sturen.


    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 het raadsvoorstel te bespreken.

  6. 5.1

    Besluit

    Op vragen van de commissieleden antwoordt portefeuillehouder wethouder M. Graef op hoofdlijnen als volgt:
    - als sec naar de ‘Structuurvisie Wonen Midden-Limburg 2018-2021’ (raad 25jun19) wordt
      gekeken zou je zeggen: het bouwplan bevat teveel woningen voor Buggenum. Maar, intussen
      zijn de inzichten – ook politiek – wel wat gewijzigd over het wonen in kleinere kernen;
    - het voor een deel levensloop bestendig maken + een deel voor de verhuur bouwen maakt
      dat niet voor leegstand behoeft te worden gevreesd;
    - sommige ‘jongeren’ (begin dertigers) hebben al naar de woningen geïnformeerd.


    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 het raadsvoorstel te bespreken.

  7. 5.2

    Besluit

    Op vragen van de commissieleden antwoordt portefeuillehouder wethouder M. Graef, daarbij ondersteund door J. Heideman (jurist), op hoofdlijnen als volgt:


    • Bepalen voorwaarde eigen bijdrage bij toekomstige aanvragen ten laste van Gebiedsfonds Buggenumse veld


    - de gemeente plaatst op particulier eigendom erfverfraaiingen. Die erfverfraaiingen moeten
      bijdragen (esthetisch, biodiversiteit) aan compensatie in het Buggenumse veld. In die zin
      profiteert een ieder daarvan. Uiteraard profiteert de grondeigenaar ook iets door
      waardevermeerdering;
    - het college vindt dat de eigen bijdrage tot nu toe te gering is gesteld. Datgene wat nu wordt
      voorgesteld is ook meer in lijn met het beleid van andere gemeenten.


    • Nemen besluit omtrent bodemsanering en aankoop gronden realiseren 'Sjans van Naer'


    - met het initiatief van de werkgroep ‘Sjans van Naer’ is niets mis, ’t wordt als initiatief ook
      politiek breed gedragen. Echter, voor het college zijn de kosten te gortig geworden. Het is
      nu aan de raad om daarover een eindoordeel te vellen. Over bijdragen uit het gebiedsfonds
      die groter zijn dan € 10.000 dient de gemeenteraad een besluit te nemen. De
      adviescommissie Gebiedsfonds Buggenumse veld is, in tegenstelling tot het college, wel
      akkoord om een bijdrage van in totaal € 113.089,- toe te kennen uit het fonds, bovenop het
      al eerder door de raad toegekende bedrag van € 160.000;
    - er zijn commissieleden die vragen naar een goedkopere oplossing te zoeken. Hij vraagt die
      commissieleden om die oplossingen, voldoende specifiek, aan hem bekend te maken, dan
      gaat hij daar serieus naar kijken;
    - naar het aanbrengen van een leeflaag heeft het college al gekeken, dat is naar inschatting
      nauwelijks een goedkopere oplossing + er zitten daaraan nadelen. Als er al iets simpels als
      een parasol in de grond wordt aangebracht dan zitten daaraan consequenties vanwege die
      leeflaag. Bovendien heeft de gemeente dan extra zorgen en verantwoordelijkheden vanwege
      het volksgezondheidsaspect;
    - hij heeft één gesprek gehad met het waterschap. Dat schap is ‘niet happig’ op het financieel
      bijdragen aan een sanering. Van dat gesprek is geen verslag gemaakt. Hij weet niet of er van
      gesprekken die z’n ambtsvoorganger heeft gevoerd met het waterschap wél verslagen zijn
      gemaakt, mochten die er zijn dan kunnen die mogelijk worden ingezien door de commissie;
    - de gemeente heeft in collegiale zin tegen het waterschap gezegd dat als het waterschap de
      desbetreffende grond nodig heeft voor de dijkversterking, dan koopt de gemeente die grond
      over om het onderhavige initiatief mede mogelijk te maken. De geconstateerde vervuiling
      gooide helaas roet in het eten;


    - voor het waterschap is er geen reden om de grond aan iemand te verkopen, maar als er zich
      een koper meldt (zoals de gemeente) dan wil het waterschap niet opdraaien voor de kosten
      van het schoon opleveren van de grond tenzij de koper de meerprijs betaalt bestaande uit
      die reinigingskosten;
    - het waterschap laat anders op het weiland koeien grazen, daarvoor behoeft de bodem niet te
      worden gesaneerd;
    - hij weet niet zeker of het gebruik van ‘de Sjans’ door de beoogde doelgroep in het vaarwater
      komt van de gebruikers van ‘t Maasveld in Neer;
    - de nutsvoorzieningen zijn nodig om ’t levendig te maken. Het telkens ad hoc inhuren van
      bijvoorbeeld aggregaten draagt onvoldoende aan die levendigheid bij;
    - ‘baten’ van cultuurhistorie of van verenigingsleven zijn lastig te kwantificeren. Bij de door het
      college gemaakte ‘kosten-baten afweging’ heeft het college, alles overziende, geconcludeerd
      dat de kosten ’t niet waard zijn in verhouding tot wat we daarvoor terugkrijgen;
    - bij het aanleggen van de dijk heeft een medewerker van de gemeente, vanuit z’n goede
      bedoeling om ‘werk met werk te maken’, z’n akkoord gegeven om een inrit te maken. Dat
      was niet binnen de gemeente afgestemd en is ook niet zoals de initiatiefnemers dat voor
      ogen hebben. De gemeente heeft daarvoor haar excuses aangeboden.


    Wethouder Graef zegt op een vraag van de heer H. Meewis toe dat hij een schriftelijk antwoord krijgt op z’n vraag hoe het juridisch zit met het leveren van grond zónder een schonegrondverklaring.


    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 het raadsvoorstel te bespreken.

  8. 5.3

    Besluit

    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 conform het raadsvoorstel te besluiten. Wat de commissie betreft zou dat zonder raadsberaadslagingen kunnen.

  9. 5.4

    Besluit

    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 conform het raadsvoorstel te besluiten. Wat de commissie betreft zou dat zonder raadsberaadslagingen kunnen.

  10. 5.5

    Besluit

    Op vragen van de commissieleden antwoordt portefeuillehouder wethouder P. Verlinden op hoofdlijnen als volgt:
    - voorop staat, en daar heeft de raad ook mee ingestemd, dat er een milieurendement moet
    worden gehaald. In twee stappen wil de gemeente het restafval verlagen naar eerst 100 kg
    per inwoner uiterlijk in 2023 en vervolgens naar 80 kg uiterlijk in 2025;
    - de gemeenteraad kan er ook voor kiezen om nu ‘toch maar niets te doen’. Daarmee wordt
    echter geen recht gedaan aan die eerder vastgelegde ambities van milieurendement.
    Bovendien is een verdubbeling in kosten reëel van het verwerken van restafval;
    - het grootste rendement kan worden behaald door de 40% gft-afval, die nu in het restafval
      zit, uit dat restafval te houden. Het één kost € 40 per ton, het ander € 92 per ton om te
      verwerken (excl. transportkosten);
    - hij verwacht dat, los van die eventuele meerkosten, er door allerlei oorzaken toch al een
      prijsstijging in 2022 is te verwachten van € 25 à € 30 per heffingsadres;
    - de portefeuillehouder van de gemeente Maasgouw heeft hem laten weten dat hij verwacht
    dat in die gemeente hetzelfde scenario gaat worden gekozen als nu het college van Leudal
    voorstelt;
    - de kwaliteit van met een zak ingezameld ‘pmd’ zal beter zijn dan die welke nu via de wijk- en
    dorpsmilieuparkjes wordt ingezameld. Hij vindt het goed om nu daarmee te beginnen, ook al
    geeft een meerderheid van de burgers in de gehouden enquête aan dat voor hen het aan huis
    ophalen niet hoeft. Waar vroeger € 480 per ton pmd werd vergoed is dat bedrag nu
    teruggelopen naar € 260 per ton. Door vervuiling afgekeurd pmd zal moeten worden
    verbrand à € 110 per ton;
    - als de gemeenteraad anders gaat besluiten dan het college voorstelt dan is het te
      verwachten dat Reinigingsdienst Maasland de extra kosten aan de gemeente Leudal in
      rekening gaat brengen;
    - het college heeft naar aanleiding van de in de raadsvergadering van 22dec20 aan de orde
    geweest zijnde (maar niet in stemming gebrachte) amendementen en de gevoerde
      beraadslagingen z’n raadsvoorstel van destijds heroverwogen. Er zijn in het nu voorliggende
    raadsvoorstel enkele aanpassingen aangebracht zoals het schrappen van de papiercontainers,
    maar dat is het dan ook. Een beter voorstel kan het college, gelet op de milieuambities + de
    te verwachten lasten voor de burgers, niet voorleggen;
    - wat de scenario’s kosten is allemaal uitgerekend. Zie daarvoor de stukken van ‘de
      Afvalspiegel’ in iBabs. Daar vindt u ook de antwoorden op door enkele raadsleden schriftelijk
    gestelde vragen;
    - we zullen moeten investeren + kosten moeten maken voor flankerend beleid. De
      eerstkomende jaren is daardoor een stabiel financieel beeld te verwachten. Wat dat betekent
    voor elke burger is heel verschillend, afhankelijk van z’n keuzes;
    - de landelijke verwachting is dat het tarief voor de verwerking van restafval zal stijgen van
      € 92 per ton naar € 200 per ton;
    - het in de zomermaanden eenmaal per week in plaats van eenmaal per twee weken ophalen
    van gft-afval (zoals in Roerdalen), daar kan voor worden gekozen, de gemeente betaalt dan
    wel een meerprijs;


    - het één keer in de vier weken ophalen van restafval (zoals in Echt-Susteren) bespaart veel
    kosten t.o.v. eenmaal per twee weken;
    - in Leudal staat de grijze container nu per burger gemiddeld 12 keer per jaar aan de straat;
    - in circa 100 gemeenten wordt het plastic al aan huis in zakken opgehaald, in die gemeenten
    speelt het probleem van weggewaaide zakken nauwelijks.


    Wethouder Verlinden zegt de commissie toe om het verslag en de berekeningen van ‘de Afvalspiegel’ nog eens toe te sturen.


    De commissie geeft de gemeenteraad in overweging om in de raadsvergadering van 20apr21 het raadsvoorstel te bespreken.

  11. 6

    Besluit

    Op vragen van de commissieleden antwoordt portefeuillehouder wethouder S. Backus op hoofdlijnen als volgt:
    - hij heeft de hoop er samen met alle belanghebbenden uit te komen;
    - hij heeft met diverse ondernemers in de buurt, waaronder die van Atelier-Leudal, gesproken.
    Die ondernemers zijn niet tegen het voornemen maar zij hebben wel enkele zorgen
    (bijvoorbeeld het fiets-parkeren) en wensen;
    - hij is uiteraard bekend met het in de raadsvergadering van 2jul13, bij het agendapunt (19)
    ‘Vaststellen Bestemmingsplan Centrum Heythuysen’ aangenomen amendement ‘dat alvorens
    maatregelen worden genomen met betrekking tot parkeerplaatsen het college hierover met
    de desbetreffende ondernemers en omwonenden harde en voor alle partijen aanvaardbare
    afspraken maakt’. Er is echter een klein probleem, dat wel op te lossen lijkt, dat later een
    bestemmingsplan is vastgesteld dat op dat terrein een iets dwingender bestemming legt;
    - het overleg van de Heerschap Groep met de omwonenden (ondernemers en burgers) wordt
    vertaald in een omgevingsdialoog. Hij heeft de Heerschap Groep gezegd dat die dialoog niet
    ‘de waarheid’ is, er zijn in het verleden al opmerkingen gemaakt over mogelijke
    ontwikkelingen in dat gebied;
    - de gemeente handhaaft al de geluidsnormen m.b.t. de aan de overzijde van de Dorpstraat
    gelegen horecazaken, dat zal straks ongetwijfeld ook het geval zijn m.b.t. het nog te creëren
    horecaplein. Die handhaving behoort tot de portefeuilles van de burgemeester.


    Wethouder Backus zegt de commissie, n.a.v. een vraag van mevrouw E. van Tilburg, toe dat de eigendomssituatie m.b.t. het plein waar de horecafunctie moet komen aan haar duidelijk zal worden gemaakt.


    De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken.

  12. 7

    Besluit

    Op vragen van de commissieleden antwoordt portefeuillehouder wethouder S. Backus op hoofdlijnen als volgt:
    - met het eventueel schrijven van een brief naar het provinciebestuur wordt het probleem niet
    opgelost;
    - het openbaar vervoer is een zaak van de provincie, niet van de gemeente;
    - door de coronavirus beperkingen heeft Arriva besloten een aantal diensten te schrappen door
    de schaarse vraag naar openbaar vervoer. Contractueel zou dat mogen;
    - het probleem is vaak niet alleen ‘hoe kom ik (slecht ter been zijnde) bij een bushalte’ maar
    ook ‘hoe kom ik – nadat ik ben uitgestapt – op de precieze bestemming? Heeft de gemeente
    daarin een rol?
    - hij vindt, anders dan de fractie Ronduit Open in haar toelichting op dit agendapunt stelt, dat
    de wensbus wél een gedeelte van de oplossing is, het schrijven van een brief naar de
      provincie is dat niet;
    - hij wil het probleem, volgende week, in een regionaal mobiliteitsoverleg nog wel eens
      aankaarten want ook andere gemeenten kampen met dergelijke problemen;
    - het meer gebruikmaken van doelgroepenvervoer kan misschien ook een deel van de
      oplossing zijn voor slecht ter been zijnde mensen;
    - hij zal met zijn collega wethouder M. Janssen overleggen over de wijze waarop
      informatievoorziening vanuit de gemeente over het doelgroepenvervoer, in combinatie met
    eventueel het wensbusvervoer, een oplossing kan zijn voor slecht ter been zijnde burgers.


    De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken.

  13. 8

    Besluit

    De heer H. Meewis zegt dat hij, als op het laatste moment opgeroepen invaller, onvoldoende is voorbereid op dit, op verzoek van zijn fractie Progressief Akkoord Leudal geagendeerde, agendapunt.


    Daar de overige commissieleden of portefeuillehouder geen wens hebben om dit nu toch te bespreken sluit de voorzitter de beraadslagingen. Mocht de fractie PAL in een latere commissievergadering alsnog bespreking willen dan kan dat alsnog.

  14. 9

    Besluit

    De heer B. Grabert zegt met nog diverse vragen te zitten. Hij zal die op schrift stellen en via de raadsgriffie voor beantwoording door de portefeuillehouder aanbieden. Hij roept de portefeuillehouder op om ook uit eigen beweging de raad en commissie tijdig te informeren over de voortgang.


    Portefeuillehouder wethouder R. Martens zegt op hoofdlijnen het volgende:
    - hij is al langere tijd doende om meer duidelijkheid te verkrijgen
    - Rijkswaterstaat is duidelijk: de plannen in Roermond mogen geen nadelige effecten hebben
    voor Leudal;
    - de stuurgroep bestaande uit het Rijkswaterstaat, Waterschap Limburg + de drie betrokken
    gemeenten Leudal, Maasgouw en Roermond, heeft een eerste overleg gehad. Hij heeft daar
    het probleem van Leudal weergegeven en de anderen zijn van die problemen goed
    doordrongen. Het probleem voor de stuurgroep is: er zijn nog geen concrete plannen en er is
    dus ook geen besluitvorming daarover. Zodra die plannen er wel zijn gaat hij, conform een
    aangenomen motie, de raad informeren;
    - hij zal alle vragen die n.a.v. deze commissievergadering bij hem binnenkomen
      beantwoorden;
    - in de brief van Rijkswaterstaat d.d. 17dec20, die als bijlage zit bij de collegemededeling van
    2mrt21 aan de raad (raadsvergadering 16mrt21, ingekomen stuk nr. 38), wordt duidelijk
    gesteld welke maatregelen genomen moeten worden om waterstandsverhoging te voorkomen
    of te minimaliseren.


    De heren R. Thomassen, J. Coolen en M. Bongers zeggen er vertrouwen in te hebben dat wethouder R. Martens (in samenspraak met de stuurgroep) in het huidige proces de belangen van de gemeente goed weet te behartigen.


    De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken.

  15. 9.A

    Besluit

    Zie ook agendapunt 4 (inspreker L. Peeters te Neer)


    De heer A. Kierkels zegt z’n vragen schriftelijk te zullen stellen binnen de door het college gegeven reactietermijn t/m 15apr21. Zijn fractie vindt het innemen van een standpunt prematuur. Immers, de conceptaanvragen zijn niet compleet, de omgevingsdialoog heeft te wensen overgelaten en de communicatie tussen de gemeente en de bewoners is niet naar behoren gevoerd.


    De heer E. Franzen zegt dat de omgevingsdialoog niet goed is gevoerd. De gemeenteraad, en niet deze commissie of door het horen van individuele raadsleden of raadsfracties, moet door het college via een raadsvoorstel in een raadsvergadering worden gehoord. Kennelijk redeneert de portefeuillehouder dat nu het vol leggen van daken niet lukt dan maar zonneweides moeten worden aangelegd. De kansenkaart geeft gebieden met kansen aan, daarmee is niet tevens gezegd dat de zonneweides ook in die gebieden moeten komen.


    De heer R. Thomassen is verre van tevreden met de gang van zaken. Hij zal binnen de gegeven reactietermijn schriftelijk reageren met een tiental vragen. Zijn fractie heeft problemen met de nu door het college gevolgde procedure van de collegemededeling aan de raad, er ligt toch een motie van de raadsvergadering van 22dec20 (motie 18.1) waarin de raad duidelijk aangeeft op een bepaalde manier te willen worden gehoord?


    De heer H. Meewis zegt dat z’n fractie vindt dat het door het college in de collegemededeling van 30mrt21 aan de raad bekendgemaakte voorlopige standpunt raadsbreed in de eerstvolgende raadsvergadering moet worden besproken.


    De heer H. Sleven zegt dat het college de tevoren afgesproken spelregels gaandeweg het proces aan het wijzigen is, zoals dat coöperaties al mogen meedoen ook al bestaan ze nog geen jaar. Afgesproken is dat er voldoende draagvlak moet zijn voor de plannen, hij constateert dat er toch veel verzet is, misschien doordat de procedure niet goed is gevolgd, de communicatie te wensen heeft overgelaten en de omgevingsdialoog nog niet goed is gevoerd. Hij vindt dat in de al meer genoemde motie de raad – als orgaan – wordt genoemd aan welke een voorstel van het college moet worden voorgelegd.


    De heer J. Nouwen vindt ook dat de door de raad in zijn vergadering van 28apr20 vastgelegde spelregels moeten worden nageleefd. Hij vindt het vreemd dat de huidige drie projecten zijn geselecteerd door het college (zie daarover collegemededeling 15sep20, raadsvergadering 29sep20, ingekomen stuk nr. 119) gelet op bijvoorbeeld de in acht te nemen afstandsnormen. Er worden zonneweides gepland op duurzame landbouwgrond, dat is niet te begrijpen.


    De heer M. Bongers zegt dat de raad geen idee heeft hoe de inpassing wordt gedacht, kaartjes en gegevens ontbreken. De omgevingsdialoog is in onvoldoende mate uitgevoerd. Het is niet te volgen dat het college wel bij een bosje aan de Vlaas in Neer een perceel heeft geschrapt maar niet tegenover een woning. Over de veiligheid is niet gecommuniceerd (verzekerbaarheid, aansprakelijkheid). Is er een garantie dat het over 25 jaar allemaal opgeruimd wordt? Zijn de verslagen over de overleggen met de initiatiefnemers in te zien? Waarom is de aansluiting bij bestaande coöperaties mislukt en moet er een nieuwe coöperatie worden opgericht?


    Portefeuillehouder wethouder M. Graef reageert in hoofdlijnen als volgt:


    * procedure
    - De procedure is zorgvuldig. Wij hebben steeds gezegd dat we vooraf in gesprek gaan over de openstellingrondes. Het formele traject van vergunningen en bestemmingsplannen gaat nu pas in;
    - Nu er een conceptaanvraag ligt gaan er veel dingen uitgewerkt worden. Enkele zaken die de heer Bongers noemde komen daarin terug. Kaartjes worden uitgewerkt, er wordt een
      anterieure overeenkomst gemaakt waarbij schade etc. aan bod komt;
    - Er zijn twee manieren waarop de volgende stap genomen kan worden: (a) via een
      functieaanduiding in het bestemmingsplan of (b) via een omgevingsvergunning.
      Ad a is sowieso het domein van de gemeenteraad; bij ad b hebben we de procedure van het door de gemeenteraad afgeven van een verklaring van geen bedenkingen nodig;
    - Met dát beeld van ‘aan het eind van het proces’ heeft het college gemeend om - ter
      uitvoering van de motie 18.1 van de raadsvergadering van 22dec20 - nu, via de
      collegemededeling van 30mrt21, wensen en bedenkingen bij de raadsfracties op te halen;
    - misschien is onvoldoende naar de belanghebbenden gecommuniceerd dat zij weldra pas in staat worden gesteld om zienswijzen in te dienen + dat initiatiefnemers met omwonenden afspraken gaan maken;
    - het is lastig om aan de hand van verslagen op te maken of omgevingsdialogen voldoende zijn gevoerd. Wel heeft hij gezien dat naar aanleiding van die dialogen plannen zijn aangepast en er serieus met inpassing aan de slag is gegaan;
    - hij snapt dat burgers vreemd aankijken tegen het begrip ‘tijdelijk’ als daar in de ruimtelijke
      ordening een periode van 25 jaar ook onder valt;
    - hij werkt er aan om gesprekken met burgers anders te gaan aanpakken omdat gebleken is dat burgers die graag over duurzaamheid willen discussiëren anderen zijn dan die te maken krijgen met het realiseren van duurzaamheidsmaatregelen;


    * inhoudelijk
    - natuurlijk worden de daken in de bebouwde omgeving eerst vol gelegd;
    - we weten ook dat niet alle daken daarvoor geschikt zijn + dat de gemeente niet de juridische middelen heeft om dat nu af te dwingen. Landelijk wordt gewerkt aan wetgeving om dat (bijvoorbeeld bij nieuwbouw) wel mogelijk te maken;
    - de gemeente steekt geld in de voorlichting daarover;
    - een probleem is het als initiatiefnemers en een bestaande coöperatie er niet uitkomen. Het college vindt het niet reëel als de plannen dan niet door zouden kunnen gaan. Vandaar dat het college dan vindt dat de eis van het bestaan van minimaal één jaar van een coöperatie niet langer in stand moet worden gehouden;
    - hij vindt het positief dat de initiatiefnemers gratis stroom of gratis panelen aan omwonenden als tegemoetkoming aanbieden;
    - in de eerste fase heeft het college de initiatieven aan de hand van de puntentelling
      beoordeeld, daarna is een fase ingezet om tot nadere uitwerking te komen. Nu, in het
     vergunningstraject gaan ook dingen vastgelegd worden zoals aansprakelijkheid,
     verzekeringen, wie ruimt het op aan het einde van de vergunde periode etc.


    Wethouder P. Verlinden zegt dat de gemeente doende is een programma ‘zon op dak’ op te stellen. Dat voorziet er o.a. in om op daken van bestaande bedrijven zonnepanelen gelegd te krijgen. Maar, ook al zouden álle daken in Leudal worden vol gelegd, dan halen we nog bij lange na niet de landelijke doelstellingen waarvoor de gemeente Leudal aan de lat staat.


    De voorzitter constateert dat dit agendapunt voldoende is besproken.

  16. 10

    Besluit

    Lijst wethouder Verlinden


    - Toezegging inzake ‘plan mestverwerking Zevenellen te Buggenum / Haelen’ luidt
      (Join-raadsvragenboek 2020-147):


      Wethouder P. Verlinden zegt toe met het provinciebestuur te zullen gaan spreken om ’t
      deelgenoot te maken van de zorgen die bij de commissieleden en de omwonenden van
      Zevenellen leven + om te weten te komen in hoeverre er (toch nog) afspraken te maken
      vallen tussen de mestverwerker en het toezichthoudende bestuursorgaan.


      - Stand van zaken:


      Wethouder Verlinden zegt dat het college inmiddels van gedeputeerde staten een brief van
      16mrt21 heeft ontvangen. Ook heeft de fractie Ronduit Open vragen gesteld over dit
      onderwerp. Hij is bezig om een notitie voor te bereiden voor de volgende
      commissievergadering (18mei21) waarin op een en ander zal worden ingegaan.


    De toezegging blijft staan.


    ________________________________________


    - Toezegging inzake ‘bespreken klachtmelding over rookoverlast van Verdonschot Wonen en
       Slapen te Heythuysen’ luidt (Join-raadsvragenboek 2021-45):


      Wethouder P. Verlinden zal nagaan, aan de hand van eventueel bij de gemeente bekend
      zijnde klachten, of er aanleiding is om een bepaalde actie te overwegen om hinder te
      voorkomen.


        - Stand van zaken:


      Bij e-mail van de griffier van 1apr21 hebben de commissieleden een overzicht van de
      meldingen toegestuurd gekregen maar nog geen antwoord op de vraag of er aanleiding is om
      een bepaalde actie te overwegen om hinder te voorkomen.


    De toezegging blijft staan.


    ________________________________________


    Lijst wethouder Graef


    - Toezegging inzake ‘Stand van zaken werkzaamheden werkgroep uitvoering
       compensatiemaatregelen Limburgs Kwaliteitsmenu i.v.m. uitbreiding Nunhems (Join-
       raadsvragenboek 2021-2’4):


      De voorzitter zegt dat wethouder M. Graef de vraag via de griffier krijgt toegestuurd voor het
      schriftelijk beantwoorden daarvan.


        - Stand van zaken:


      Bij e-mail van de griffiesecretaresse d.d. 19mrt21 hebben de commissieleden een reactie
      namens wethouder Graef ontvangen.


    De toezegging is afgehandeld.


    ________________________________________


    Op verzoek van de heer R. Thomassen wordt aan de lijst van toezeggingen van wethouder
    M. Graef toegevoegd hetgeen de wethouder in de commissievergadering van 2mrt21, bij het agendapunt 8 ‘Bespreken collegemededeling 8 december 2020 over en met prestatieafspraken voor jaarschijf 2021, gemaakt tussen de gemeente Leudal + een viertal woningcorporaties + een viertal huurdersorganisaties’ beloofde namelijk dat hij met z’n ambtelijke adviseurs zal overleggen over de mogelijkheden om in één van de volgende commissievergaderingen een presentatie te houden over woningbouw in de gemeente.


    Wethouder Graef zegt dat de raads- en commissieleden bij e-mail van de griffier van 23mrt21 een collegemededeling van 16mrt21 hebben ontvangen met een actualisatie van de planvoorraad van de woningbouw per 1jan21 + een terugblik op de woningbouwrealisatie in 2020.
    Maar, hij is uiteraard bereid om z’n belofte van 2mrt21 alsnog gestand te doen.


    De griffier neemt de toezegging in de lijst van toezeggingen op.


    Mevrouw E. van Tilburg zegt dat van die collegemededeling met bijlagen de schema’s en dergelijke moeilijk zijn te lezen.


    ________________________________________


    - Toezegging inzake ‘anterieure overeenkomst bij raadsvoorstel raadsvergadering 16mrt21 vaststellen bestemmingsplan Bergerstraat 34 te Neer’ luidt (Join-raadsvragenboek 2021-22):


      Op een vraag van waarnemend commissie- en raadslid J. van der Stappen zegt
      portefeuillehouder wethouder M. Graef toe dat hij nog voorafgaande aan de raadsvergadering
      van 16mrt21 de gesloten anterieure overeenkomst ter inzage krijgt.


        - Stand van zaken:


    Bij e-mail van de griffiesecretaresse d.d. 15mrt21 heeft raadslid Van der Stappen (alsmede hebben de commissieleden) het stuk namens wethouder Graef overgelegd gekregen.


    De toezegging is afgehandeld.


    ________________________________________


    Lijst wethouder Backus


      Er staan geen toezeggingen open.
    ________________________________________


    Lijst wethouder Martens


      Er staan geen toezeggingen open.

  17. 11

    Besluit

    11.1 Voorraadplanning raadsvoorstellen


    De commissie neemt het stuk voor kennisgeving aan.


    11.2 Brief Berrybrothers BV te Roggel 18 februari 2021 met aansporing
            besluitvorming over huisvesting tijdelijke internationale werknemers


    Op een vraag van de heer E. Franzen over het afbreken van de gebouwen als ze niet meer worden gebruikt, zegt wethouder M. Graef dat dat in het door de raad vast te stellen ‘Paraplubestemmingsplan huisvesten internationale werknemers en andere kamerbewoners in Leudal’ aan de orde gaat komen, in de raadsvergadering van 28sep21. Hij brengt ook nog de collegemededeling van 2mrt21 (raadsvergadering 16mrt21, lijst van ingekomen stukken, stuk nr. 40) onder de aandacht over het in behandeling nemen van conceptaanvragen van ondernemers.


    De commissie neemt het stuk overigens voor kennisgeving aan.

  18. 11.1

    Besluit

    De commissie neemt het stuk voor kennisgeving aan.

  19. 11.2

    Besluit

    Op een vraag van de heer E. Franzen over het afbreken van de gebouwen als ze niet meer worden gebruikt, zegt wethouder M. Graef dat dat in het door de raad vast te stellen ‘Paraplubestemmingsplan huisvesten internationale werknemers en andere kamerbewoners in Leudal’ aan de orde gaat komen, in de raadsvergadering van 28sep21. Hij brengt ook nog de collegemededeling van 2mrt21 (raadsvergadering 16mrt21, lijst van ingekomen stukken, stuk nr. 40) onder de aandacht over het in behandeling nemen van conceptaanvragen van ondernemers.


    De commissie neemt het stuk overigens voor kennisgeving aan.

  20. 12

    Besluit

    12.1 Collegemededeling (ingekomen 24feb21) over besluit college toe te treden tot
             uitvoeringsgerichte samenwerking ‘Platteland in Ontwikkeling: Weerterland’


    De commissie neemt het stuk voor kennisgeving aan.


    MONDELINGE MEDEDELINGEN


    12.2 Volgende commissievergadering: agendapunt vergaderdruk commissie fysiek


    De voorzitter zegt dat zij in de volgende commissievergadering een agendapunt gaat wijden aan een discussie over de vraag of en zo ja hoe de vergaderdruk van de commissie fysiek beter in overeenstemming komt met die van de andere twee raadscommissies. De commissie fysiek vergadert immers structureel gemiddeld 40 minuten langer. Zij denkt o.a. aan onderwerpen zoals die welke een gemeenschappelijke regeling betreffen (bijvoorbeeld inzameling afval), die zouden ook in de commissie bestuur en middelen kunnen worden besproken.
    Zij vraagt de commissieleden om dit onderwerp in hun (steun)fractie voor te bereiden.

  21. 12.1

    Besluit

    De commissie neemt het stuk voor kennisgeving aan.

  22. 12.2

    Besluit

    De voorzitter zegt dat zij in de volgende commissievergadering een agendapunt gaat wijden aan een discussie over de vraag of en zo ja hoe de vergaderdruk van de commissie fysiek beter in overeenstemming komt met die van de andere twee raadscommissies. De commissie fysiek vergadert immers structureel gemiddeld 40 minuten langer. Zij denkt o.a. aan onderwerpen zoals die welke een gemeenschappelijke regeling betreffen (bijvoorbeeld inzameling afval), die zouden ook in de commissie bestuur en middelen kunnen worden besproken.
    Zij vraagt de commissieleden om dit onderwerp in hun (steun)fractie voor te bereiden.

  23. 13

    Besluit

    Hiervan wordt geen gebruikgemaakt.

  24. 14

    Besluit

    De commissie besluit om de volgende, reguliere vergadering te houden op dinsdag 18mei21, aanvang 19.30 uur.

  25. 15

    Besluit

    Niets meer aan de orde zijnde sluit de voorzitter de vergadering om 22.39 uur.